Terugblik Kindvriendelijke kerstviering 24 december 2010

Een zeer ontspannen kerstviering die heel rustig en ordelijk verliep. Na afloop zeer tevreden gezichten! De opkomst was best heel goed, ondanks het barre weer.

En de actie voor de straat- en weeskinderen in de sloppenwijken van Accra (Ghana) mag bijzonder geslaagd heten. We hebben Estelle Backus uit ’t Ven die voor de verantwoordelijke stichting daar in Accra (Ghana)werkt, een bedrag kunnen overreiken van € 1.225,–! Dit bedrag is mede te danken aan de kerkgangers van de vieringen in de kapel van Albertushof. Een prachtig resultaat: ons kadootje met Kerstmis voor een groep kinderen in Accra! Zij kunnen nu ook naar school!

Dank aan allen die hun bijdrage gegeven hebben!

H. Michaelparochie ’t Ven

 

Janssen de Jong Bouw – Editie Zuid Nederland, april 2009

In de “Nieuws en Nieuwtjes” is een ingezonden brief geplaatst van bestuurslid Estelle over haar vrijwilligerswerk in Ghana.

Hallo allemaal,

Via deze “Nieuws en Nieuwtjes” wil ik -ook namens Mamud Billa van het Right to Dream UCC en zijn vrouw Phyllis- alle gulle gevers (waaronder René namens Janssen de Jong Bouw) hartstikke bedanken voor alle giften die ik heb gekregen voor mijn vertrek naar Ghana. Hier heb ik een maand vrijwillig gewerkt: lesgegeven in een van de achterstandswijken in de hoofdstad Accra. Dit was heel basic: lezen, schrijven, Engels en rekenen in de ochtenduren. ’s Middags was het lesgeven aan de kinderen die naar de lagere school gaan. Nu moet je weten dat onderwijs voor mensen in dergelijke wijken onbetaalbaar is. Mede dankzij onze Stichting Akosua hebben we op talloze manieren geld ingezameld en de kinderen naar school kunnen sturen. De meeste kinderen zijn ontzettend leergierig, komen dolgraag naar school en smeekten me zo ongeveer om huiswerk.

In het Right to Dream UCC (dit is het opvangcentrum waar ik werkte) hebben ze gemerkt dat het niet werkt om de oudere kinderen (van rond de 15-18 jaar) alsnog naar de gewone lagere school te sturen als ze nog nooit onderwijs hebben genoten. De kinderen voelen zich niet op hun gemak als ze op deze leeftijd in de klas komen bij 6-jarigen, wat ik me goed kan voorstellen. Billa (een Ghanees en de oprichter van dit UCC) zijn idee is om een “vocational centre” voor deze doelgroep te starten. Dit houdt in dat deze kinderen praktisch onderwijs krijgen en na enkele maanden het geleerde beroep voor zichzelf kunnen uitoefenen (“making business”) en zo hun eigen geld kunnen verdienen. Voor de meiden houdt dit een beroep als naaister of kapster in.

Concreet betekent dit dat o.a. een container gekocht moet worden die als leslokaal moet gaan fungeren, een naaimachine (met klosjes garen e.d.) en een droogkap (met toebehoren zoals rollers en spelden).
Mede dankzij jullie giften kan dit vocational centre binnenkort opgericht worden. Billa kent een naaister die de meisjes les kan en wil gaan geven. In plaats van salaris mag ze de naaimachine gebruiken voor het uitoefenen van haar beroep als naaister. De container zal op het terrein van het UCC gezet worden. Het UCC is ommuurd: hier kom je niet zomaar binnen en alle spullen staan dus veilig. Er zijn op dit moment een stuk of 4 kinderen die voor dit praktisch onderwijs in aanmerking komen, waaronder een meisje dat nu bananen verkoopt: een onzeker beroep met een erg veel concurrentie.
De rest van het ingezamelde geld wordt aan schoolgeld besteed. Een aantal kinderen dat dit jaar naar school is kunnen gaan, kan vanaf september 2009 door naar klas 2.

Mocht je meer willen lezen of foto’s willen bekijken dan kan dit op www.stichtingakosua.org of http://www.mijnalbum.nl/Album=UECOGXZG

Estelle Backus
P&O functionaris

 

Het Gezicht van de Regio, februari 2009


Een Limburgse in Ghana

 Deze keer interviewden we de 39 jarige  Pascale de Brabander. Zij is in Holtum opgegroeid en woont nu in Ghana. 

“Iedereen zou zorgvuldig moeten kijken naar welke weg zijn hart trekt, en die weg vervolgens kiezen met al zijn kracht.”  luidt een Chinees gezegde.

Het roer om..
Pascale heeft het gezegde goed tot haar door laten dringen, zij verruilde in september 2008 het Limburgse heuvelland voor de Akuapem Hills in de Eastern Region in Ghana. Hier helpt ze mee aan de ontwikkeling van kansarme kinderen. “Natuurlijk was het ‘n hele grote stap om huis en haard in Nederland te verlaten. Toch ben ik met slechts twee koffers vol spullen op pad gegaan, want ik wilde mijn leven een nieuwe wending geven. Van jongs af aan wist ik al dat ik later het liefst ergens in Afrika wilde wonen en werken. Hoewel vele leuke dingen mijn levenspad telkens kruisten, heb ik deze buitenlandse droom nooit laten varen. Het verlangen en de behoefte om mijn horizon te verleggen werd met de jaren alleen maar groter.”

“Het bloed stroomt waar het niet gaan kan”
Hoewel Pascale een mooi leven had in het Limburgse Holtum, besloot ze als vrijwilliger aan de slag te gaan in Ghana. “In Nederland had ik een prima leven, een eigen huis en een leuke baan als leerkracht op een basisschool. Veel mensen begrepen niet waarom ik dat allemaal wilde opgeven voor een onzeker bestaan als vrijwilligster in een ontwikkelingsland. Het is ook moeilijk uit te leggen, want het gaat om een intrinsieke drang, een sterk gevoel dat me naar Afrika trekt. Ik vind het een fascinerend en kleurrijk continent. De rijkdom aan culturen en lokale tradities spreken mij erg aan. Daarnaast liggen mijn roots niet alleen in Limburg, maar ook in Afrika. En het bloed stroomt waar het niet gaan kan.”
Dit was voor Pascale reden genoeg om eindelijk de knoop door te hakken en haar hart te volgen.

“Je leeft tenslotte maar één keer!”
Pascale heeft helemaal geen spijt van haar beslissing. Elke dag in het mooie Ghana is voor haar een uitdaging.
“Omdat ik al eerder een aantal maanden vrijwilligerswerk in het onderwijs had gedaan in Ghana, wist ik zeker dat dit de juiste keus was. Tot op de dag van vandaag heb ik nog geen enkel moment spijt gehad van mijn beslissing om naar Ghana te emigreren. Elke dag is weer een uitdaging om er het beste van te maken. Het is niet alleen idealisme dat me naar dit land bracht, ook mijn hang naar avontuur en het opdoen van nieuwe, bijzondere ervaringen. Geen enkele kans wil ik laten liggen, want je leeft tenslotte maar één keer!”

Het dorpsleven in Dawu
Midden in de prachtige, groene Akuapem Hills liggen talloze dorpen en gehuchten. Dawu, waar Pascale nu woont, is één van die kleine plaatsen. Het is slechts een vlek op de landkaart, binnen een vloek en een zucht ben je er weer voorbij. Langs de hoofdweg, die verder de bergen in slingert, staan oude keten en marktstalletjes met koopwaar tegen elkaar aangeplakt. Vanaf de hoofdweg lopen stoffige zandpaden naar de verschillende compounds waar families hun –vaak vervallen- huizen rondom een gezamenlijk erf hebben staan. Veel dorpelingen hebben met houten planken en golfplaten een klein onderkomen gemaakt. Zij hebben geen geld om een betonnen huis te bouwen. De compounds geven je een armoedige indruk en staan in schril contrast met de prachtige natuurlijke omgeving en de adembenemende uitzichten op de dalen.
In alle opzichten is Dawu een arm plattelandsdorp, er is geen stromend water en het merendeel van de week valt de elektriciteit ook uit. Overal zie je rondscharrelende kippen, geiten en schapen waartussen kleine kinderen vol plezier ravotten en spelen met alles wat ze maar op straat kunnen vinden. Van oude blikjes tomatenpuree tot autobanden!

Kinderarbeid
Helaas zijn er in Dawu ook veel kinderen die niet kunnen spelen en niet naar school gaan. Dit raakt Pascale diep in haar hart.  
“Elke ochtend als ik naar mijn werk loop, zie ik hen al druk in de weer met emmers water dragen, hout sprokkelen en kolen halen. Het gaat me echt aan het hart als ik deze kinderen druk in de weer zie op hun kapotte slippers en in hun oude, gescheurde kleding. Ik wil ze het liefst allemaal de kans geven om naar school te gaan. Geen enkel kind zou al zo hard moeten werken!”
De omgang met kinderen in Ghana is helaas totaal anders dan in Nederland. Kinderen worden er vaak gezien als extra handkracht voor de ouders en andere familieleden.

Vol goede moed!
Pascale realiseert zich nu goed hoeveel luxe de Nederlandse bevolking kent. “In Dawu heb ik mijn eigen, kleine woonruimte in het huis van een Ghanees gezin. Het is eenvoudig, ik heb nog steeds alleen een bed, twee stoelen, een tafel, een boekenplank, een koelkast en een gaspitje. Mijn huisdieren zijn hagedissen, talloze mieren en enkele kakkerlakken! Omdat er geen stromend water is, heb ik een container met water voor dagelijks gebruik. Een verkwikkende douche na een hete dag zit er helaas niet in. Ik probeer al het zand en stof weg te spoelen met een emmer water, de zogenoemde ‘bucket shower’. Eenmaal in Ghana leer je al snel improviseren. Maar je leert vooral weer alles waarderen wat je in Nederland zo vanzelfsprekend acht. Vaak als ik ’s avonds het licht wil aandoen, blijft het pikkedonker in m’n kamer en dan kan ik niet Essent even opbellen!
Gelukkig red ik me tot nu toe prima, hoewel het leven zeker niet altijd gemakkelijk is. Soms zijn er dagen dat de moed me echt in de schoenen zakt. Vooral als er dagen lang geen elektriciteit is en de waterbronnen uitgeput zijn. Want hoe je het ook went of keert, het is toch fijn om een basis levensstandaard te hebben. Op zulke dagen ervaar ik soms tegenslag op tegenslag, want je hebt een engelengeduld nodig om hier je zaken geregeld te krijgen. Van de andere kant hoort dit ook allemaal bij het Ghanese leven.”

“Zwemmen in het geld en veel verspillen”
Pascale heeft ervaren dat Europese vrijwilligers met argusogen worden aangekeken in plattelandsdorpen als Dawu.
“Zonder enige schaamte bekijken de dorpelingen mij met hun nieuwsgierige ogen. Nog elke dag krijg ik volop aandacht van de kinderen en roepen ze me na. Tussen al deze donkere Ghanezen lokt zelfs mijn bruine kleur allerlei reacties op. Iedereen praat openlijk over me, maar ik heb geen idee wat er allemaal gezegd wordt. Misschien maar goed ook, want er gaan veel vooroordelen over Westerlingen de ronde. Zo denken de meeste mensen dat wij zwemmen in het geld en heel veel verspillen. Het kost dus zeker tijd om helemaal geaccepteerd te worden in Dawu en ook om me aan te passen aan het Ghanese leven.”
De culturele verschillen tussen Ghana en Nederland zijn erg groot en het is niet altijd gemakkelijk om hier de juiste balans in te vinden. “Elke dag leer ik weer nieuwe dingen en doe ik door mijn werk als leerkracht talloze bijzondere ervaringen op. Hoewel ik al gestart ben met m’n eerste lessen Twi (een van de vele lokale talen), merk ik nu dat het erg belangrijk is dat ik de taal zo snel mogelijk ga leren. Eigenlijk geldt hier hetzelfde als met het Limburgse dialect. Het maakt communicatie en onderling begrip gemakkelijker als je dezelfde taal spreekt.”

Leven in de brouwerij
In Dawu is weinig tot niets te beleven. Plezier moet Pascale echt uit zichzelf en de mensen om haar heen halen.
“Televisie mis ik niet echt. De avonden vul ik vooral met bezoek, luieren, lezen en spelletjes doen. Soms wil ik natuurlijk wel wat meer leven in de brouwerij. De kleine, maar levendige stad Akropong ligt op steenworp afstand. Naast talloze winkeltjes zijn hier verschillende ‘drinking spots’ en ‘çhop bars’, waar je eenvoudig kunt eten en drinken. Als ik in het weekend eropuit wil, ga ik meestal naar de hoofdstad Accra. Bij Labadi Beach kan je volop genieten van zon, zee en strand. En in de drukke wijk Osu is voor de gemiddelde toerist altijd wel wat te beleven.”

Goudse kaas is luxe
Net als in alle andere grotere plaatsen heerst in Accra veel bedrijvigheid. Iedereen probeert op zijn manier zijn dagelijks brood te verdienen. Alles wat je maar kunt bedenken, wordt aan de man gebracht door talloze straatventers die kriskras door het eindeloze verkeer lopen. Hangend vanuit het raampje van de tro-tro, het lokale vervoersbusje bij uitstek, kan je gemakkelijk je boodschappen doen.
“Alleen al voor het eten ga ik af en toe naar de grote supermarkten in Accra, want ik mis vooral de variatie in Westerse producten. Ik ben niet dol op de Ghanese gerechten zoals banku en fufu. Dat zijn een soort deegballen van gestampte mais, yam of cassave, die geserveerd worden met een gepeperde saus of een lichte geitensoep. Hoewel in de supermarkten volop importproducten te koop zijn, zijn ze voor mij meestal ook onbetaalbaar. Alles wat ik Nederland zo vanzelfsprekend kocht is nu ineens een luxe product. Voor een klein stukje Goudse kaas betaal je al gauw zo’n 15 tot 20 euro. Veel lekkernijen laat ik dus maar aan me voorbijgaan. Uiteindelijk houd ik het toch maar weer bij m’n bordje spaghetti, rijst of omelet. Dat is zo ongeveer de enige afwisseling in het wekelijkse schoolmenu. Vandaar dat het fijn is om in het weekend af en toe een lekker bord friet met gegrilde kip te eten. Dan trakteer ik mezelf!”

Talentvolle kinderen
Pascale werkt als leerkracht op de Right to Dream Football Academy in Dawu. De Academy wordt gerund door een Engelse non-profit organisatie die tot doel heeft getalenteerde, kansarme kinderen in Ghana te ondersteunen. Right to Dream zet sport en educatie in om deze kinderen uit hun achterstandspositie te halen. Hierdoor krijgen ze de kans om hun ware talenten en passies volop te ontplooien in hun leven.
”Dagelijks geef ik hier met veel plezier les aan een groep gemotiveerde jongens tussen de 10 en 16 jaar. Ik geef niet alleen Engels, maar ook Social Studies en Arts. Een aantal jongens heeft niet eerder de kans gehad om de basisschool af te ronden. Voor hen is het moeilijk om ineens op het niveau van een middelbare school onderwijs te krijgen. Zij krijgen via mijn remedial programma extra ondersteuning bij het vak Engels. Door mijn werk kan ik nu daadwerkelijk iets betekenen voor een groep kansarme kinderen en jongeren en dat geeft me een heel tevreden gevoel.
Natuurlijk gaat het lesgeven niet altijd van een leien dakje. De grote cultuurverschillen blijven een rol spelen en zijn ook van invloed op het onderwijs. Maar als enige vrouw sta ik goed m’n mannetje op de Academy. Ik laat me niet gauw uit het veld slaan door onvoorziene moeilijkheden. Het geeft me juist vaak weer de kracht om extra door te zetten. Omdat ik het belangrijk vind om op te komen voor de belangen van kinderen, zet ik me als vrijwilligster ook in voor het Right to Dream Underprivileged Children’s Centre (UCC).”
Dit centrum ligt in de achterstandswijk Labadi in de Accra. Het centrum helpt kinderen die tijdelijk niet naar school kunnen gaan vanwege een tekort aan geld of door problemen in hun (cognitieve en/of sociale) ontwikkeling. Veel van deze kinderen zijn straat- en weeskinderen, die ondanks alle tegenslagen, hard blijven vechten om hun dromen waar te maken: naar school gaan en een goede baan krijgen! In al deze gevallen zorgt het Right to Dream UCC ervoor dat de kinderen geschikte opvang en verzorging krijgen in een veilige en stabiele omgeving. Hierdoor krijgen zij de kans om zich als kind te ontwikkelen en kunnen ze tevens starten met school.

Stichting Akosua: van Kansarm naar Kansrijk!
Pascale heeft in Ghana haar eigen stichting opgericht om de kansarme kinderen te helpen.
“Door mijn succesvolle, Ghanese vrijwilligersproject in 2007 ontstond bij mij het idee om zelf een stichting op te richten om Ghanese kinderen in een achterstandspositie de kans te geven hun talenten te ontwikkelen en op die manier te werken aan een betere toekomst. Een naam voor mijn stichting had ik al snel gevonden: Stichting Akosua. Akosua is in de Ghanese taal Twi de naam voor een meisje dat op zondag geboren is. Ik ben ook een zondagskind! Via Stichting Akosua, welke ik in februari 2008 heb opgericht, bied ik momenteel op een structurele manier hulp aan de kansarme kinderen van het Right to Dream UCC. Vanuit Limburg krijg ik ontzettend veel steun van de andere bestuursleden en niet te vergeten van onze donateurs en sponsors. Zonder hun hulp zou al mijn werk in Ghana niet eens mogelijk zijn! Een aantal Limburgse gezinnen sponsort al een kind van het Right to Dream UCC, zodat het de kans krijgt om naar school te gaan. De gezinnen in Labadi hebben nauwelijks een cent te makken. Het merendeel leeft van minder dan 1 dollar per dag. Van dat bedrag kun je hier net een brood kopen. Laat staan een schooluniform en schoolboeken kopen! Het bestaan is hard, ik vraag mezelf vaak af hoe deze mensen weten te overleven. De wereld is oneerlijk verdeeld. Dat kan ik niet veranderen, maar ik kan wel proberen om op kleine schaal een verschil te maken. Al is er slechts één kind op weg geholpen naar een betere toekomst, dan is het al mijn moeite en energie waard! Met alle steun vanuit Limburg voor de vele Ghanese kinderen moet dit zeker ook in 2009 weer lukken.”

Meer informatie over de activiteiten van Stichting Akosua en Pascale de Brabander in Ghana is te vinden op: www.stichtingakosua.org en www.akosuapascale.waarbenjij.nu

 

 



Maas en Mijn, 6 augustus 2008

Ons Utrecht, 12 maart 2008

Dagblad De Limburger, 5 mei 2008